BASISONDERWIJS EN BUITENGEWOON BASISONDERWIJS

Doel en methodiek

10 voor schoolsport! Samen gezond sporten

10 ACTIEPUNTEN ondergebracht in 3 CLUSTERS

Beknopte omschrijving van het 10-punten schoolsportprogramma

Werkwijze

Evaluatie en waardering

Inschrijven

Meer info


10 voor schoolsport!
Samen gezond sporten

‘10 voor schoolsport!’, de nieuwe schoolsportactie van Bloso en SVS, bundelt 10 actiepunten gericht op een coherent, duurzaam en resultaatgericht schoolsportbeleid.

De 10 weerhouden actiepunten zijn geclusterd rond 3 centrale thema’s: samen – gezond – sporten. De drie clusters vormen tevens de baseline van de nieuwe actie.

Samen

‘School en sport’ maak je samen en doe je samen.

Samen met de hele schoolgemeenschap: leerlingen, leerkrachten, directies en ouders maar ook samen met externe partners zoals sportclubs, sportfederaties, gemeentelijke sportdiensten en andere lokale sportaanbieders.
Samen meer én kwalitatief betere sport- en bewegingskansen bieden aan de schoolgaande jongeren.
Samen en in overleg met de lokale besturen en de lokale sportactoren gestalte geven aan het concept van ‘brede school met sportaanbod’, aan een kwaliteitsvolle invulling van sport- en spelmogelijkheden, aan het creëren en ondersteunen van een brede leer- en leefomgeving voor kinderen en jongeren in de periferie van de school.

Samen ook met de leerlingen: samen schoolsport maken!
Het engagement van leerlingen in de schoolsportorganisatie mag in de verf gezet worden. Dit kan gaan van een sportverantwoordelijke per klas tot leerlingen die verantwoordelijk zijn voor het uitlenen van materiaal, oudere leerlingen die jongere leerlingen initiëren en begeleiden en dit zowel in het basis- als het secundair onderwijs, sport- en speelmaatjes creëren en kansen geven.
Leerlingen verdienen en hebben tevens recht op een duidelijke stem op school.
Leerlingenparticipatie kan ook gericht zijn op samen grenzen verleggen, samen de lat hoger leggen.

Gezond

Gezonde sport is aandacht voor fysieke fitheid, gezonde voeding en welbevinden.

Sport en beweging worden meer en meer gepromoot als belangrijk middel in de preventieve gezondheidszorg. ‘De gezondheidsbevorderende impact van sport en bewegen is van vitaal belang’ vermeldt het recente Vlaams regeerakkoord. Bovendien stelt de Vlaamse regering dat de algemene gezondheid van de Vlaamse kinderen en jongeren moet verbeteren. Daarom zal er meer worden ingezet op de sportbeleving en buitenschoolse sportactiviteiten.

Gezonde sport is sport en beweging met kansen voor iedereen, met aandacht voor fairplay en respect en met aandacht voor het welbevinden van elke deelnemer. Sport op school biedt een uitgelezen terrein om deze waarden vorm te geven en te ontwikkelen.
Gezonde sport omvat eveneens de aandacht voor gezonde voeding en fysieke fitheid.
Gezond bewegen kan ook duurzaam zijn door zich actief te verplaatsen naar de school (met de fiets of te voet).

Sporten

Door meer te bewegen en te sporten beogen we actieve, fitte en gezonde jongeren.
Daarom verdienen alle jongeren meer en betere sportkansen:

Meer en betere sportkansen:

10 ACTIEPUNTEN ondergebracht in 3 CLUSTERS

Cluster 1: SAMEN

1. Actiepunt ‘Samen werken: netwerken op school’
2. Actiepunt ‘Samen met leerlingen: leerlingenparticipatie’ 
3. Actiepunt ‘Samen met de lokale sportsector: de brug met de sportclubs’       

Cluster 2: GEZOND

4. Actiepunt ‘Fysieke fitheid’
5. Actiepunt ‘Actieve verplaatsing’
6. Actiepunt ‘Fairplay, diversiteit en welbevinden’

Cluster 3: SPORTEN

7. Actiepunt ‘Sport tijdens de lesuren’
8. Actiepunt ‘Sport tijdens de vrije momenten’
9. Actiepunt ‘Sport na de lesuren’
10. Actiepunt ‘Sport op woensdagnamiddag’

Beknopte omschrijving van het 10-punten schoolsportprogramma

Cluster 1: SAMEN

1. Actiepunt ‘Samen werken: netwerken op school’

Om op school een degelijke schoolsportwerking te kunnen uitbouwen, zijn er basisvoorwaarden nodig.
Het aanstellen van een schoolsportgangmaker is onontbeerlijk. Zijn of haar inzet is essentieel bij het ontwikkelen van een dynamisch en gezond schoolsportklimaat binnen de
eigen school. Met de steun van de directie en het voltallige schoolteam kan de schoolsportgangmaker efficiënt en effectief een programma en een schoolsportplanning uitwerken.

Een netwerk op school met de directie, leerkrachten, leerlingen en ouders krijgt best gestalte in een goed werkende schoolsportraad.
Het stimuleren van de effectiviteit van een schoolsportnetwerk, verhoogt de kwaliteit en de kwantiteit van de schoolsportwerking op school.

2. Actiepunt ‘Samen met leerlingen: leerlingenparticipatie’

Participatie en inspraak van leerlingen in de organisatie en het management van de schoolsport is een belangrijk item. De leerlingen kunnen aangespoord worden en krijgen kansen om zich te engageren voor het ontwikkelen en/of het in stand houden van een sportieve schoolcultuur. Recent universitair onderzoek wijst uit dat dit hun betrokkenheid met de school en hun welbevinden op school verhoogt.
De leerlingen maken op deze wijze deel uit van het sportieve netwerk (leerlingenparlement, schoolsportraad, sportinfopunt, …). Ook in het basisonderwijs kunnen leerlingen meer verantwoordelijkheid nemen dan we denken. Ze kunnen zelf thema's en werkvormen kiezen, in onderling overleg projecten uitwerken, samen regels en afspraken maken.

3. Actiepunt ’Samen met de lokale sportsector: de brug met de sportclubs’

Door het samenwerken met de sportclubs wordt getracht de drempel voor het sporten in clubverband te verlagen om zo de doorstroming naar de sportclubs te bevorderen.
Een goede wisselwerking tussen sport in en buiten de school is een must.
Scholen moeten de nodige ruimte krijgen om samenwerkingsverbanden op te zetten met sportclubs en andere lokale sportactoren zoals de gemeentelijke sportdiensten, commerciële sportaanbieders, …
Ook de sportclub kan inspanningen leveren om niet enkel de sportieve, geestdriftige en actieve kinderen en jongeren te bereiken, maar ook de minder of niet-sportieve leerlingen.
Ze kan tevens de kans geven om recreatief te sporten.

Cluster 2: GEZOND

4. Actiepunt ‘Fysieke fitheid’

Uit het Bloso-onderzoek ‘de barometer van de fysieke fitheid van de Vlaamse jeugd’ blijkt dat de fysieke fitheid van de Vlaamse jeugd er de voorbije 20 jaar is op achteruitgegaan.
Het opbouwen en onderhouden van een goede fysieke conditie is belangrijk en dient van jongsaf aan een aandachtspunt te zijn, want ‘jong geleerd is oud gedaan’. Bovendien is een slechte fysieke fitheid een belangrijke risicofactor voor cardiovasculaire aandoeningen, ook op jonge leeftijd. Een fitheidsbeleid op school beoogt educatie en structurele maatregelen die betrekking hebben op het aanbod van voeding en dranken op school enerzijds en de beweegmogelijkheden binnen en buiten de school anderzijds.
Dit beleid heeft enkel kans op slagen indien zowel leerlingen, leerkrachten als ouders actief betrokken zijn bij de uitwerking van de acties en de opvolging van de afspraken. Dit kadert best in een meerjarenplanning.

5. Actiepunt ‘Actieve verplaatsing’

Door het stimuleren van de woon-schoolverplaatsing met de fiets of te voet kan men elke dag bewegingsprikkels aanbieden en zo een bijdrage leveren tot een milieuvriendelijke en duurzame mobiliteit.
Maar ook de verplaatsingen met de voltallige klas naar het zwembad, de bibliotheek, … kunnen actief gemaakt worden. De school kan deze gedragsverandering op vele manieren ondersteunen en stimuleren.

6. Actiepunt ‘Fairplay, diversiteit en welbevinden’

De school is de spiegel van de samenleving: de diversiteit die aanwezig is in de maatschappij is ook zichtbaar in de klas. Verschillen in taal, cultuur, gezinsvorm, gezondheid, fysieke of mentale mogelijkheden en sociale achtergrond dienen zich aan. Deze diversiteit kan ook voor de schoolsport een meerwaarde betekenen en zich vertalen in een gevarieerd en gedifferentieerd programma, op maat van iedereen.
Niet alleen het sporten op zich is belangrijk. Jongeren krijgen al sportend de kans om in contact te komen met diversiteit en met belangrijke waarden zoals respect, fairplay, weerbaarheid, doorzettingsvermogen, omgaan met emoties, vriendschap en omgaan met regels. Door de aandacht op fairplay te vestigen, willen SVS en Bloso focussen op de meerwaarde van sportbeleving.

Cluster 3: SPORTEN

7. Actiepunt ‘Sport tijdens de lesuren’

Sportkansarme leerlingen zijn er op elke school. Minder getalenteerde jongeren blijven vaak in de kou staan. Jongeren motiveren, zeker op schoolleeftijd, is dus een belangrijke taak. De ‘dropout’ in de sportclubs rond de leeftijd van 14-15 jaar toont aan dat zelfs vele sportieve of motorisch begaafde jongeren de sport verlaten. In dit actiepunt wordt er aandacht gevraagd om ook tijdens de lessen, vakoverschrijdend, een grote waaier van initiatieven te ontwikkelen teneinde de jongeren te motiveren tot een sportieve en actieve levenshouding.
In het basisonderwijs kan meer sport en beweging binnen de lesuren stap voor stap bijdragen tot de realisatie van een dagelijks uur beweging.

8. Actiepunt ‘Sport tijdens de vrije momenten’

De school kan de mogelijkheid creëren om vrije momenten sportief in te vullen. Deze vrije momenten kunnen zijn: de speeltijden, de middagpauze, een (on)verwacht uur studie, ... De initiatieven kunnen gericht zijn naar inkleding van de speelplaats, naar georganiseerde sportactiviteiten, naar mogelijkheden tot het ontlenen van sportmateriaal en tot het openstellen van sportzalen, …

9. Actiepunt ‘Sport na de lesuren’

Met naschoolse sport wordt de jongeren, onmiddellijk na de lesuren, extra kansen geboden om laagdrempelig te sporten met klasgenoten en vrienden. In het basisonderwijs wordt in dit kader veel aandacht besteed aan een sportieve opvang. In het secundair heeft de werkvorm ‘SNS’-pas, een sportpas waarbij leerlingen naschools op eigen ritme en vanuit de eigen belangstelling kunnen deelnemen aan tal van activiteiten in de omgeving van de school, een grote aantrekkingskracht.

10. Actiepunt ‘Sport op woensdagnamiddag’

In het kader van de schoolsport ontmoeten scholen elkaar op woensdagnamiddag met als doel de schoolgaande jongeren extra sportkansen aan te bieden en hen te laten kennismaken met een brede waaier van sporten.
De SVS-activiteiten op woensdagnamiddag zorgen voor een ruim en gevarieerd aanbod.
Het aanbod voorziet zowel recreatieve als competitieve activiteiten. De lokale samenwerking op basis van onderling overleg tussen SVS en de verschillende scholen uit één of meerdere gemeenten (de kernvergaderingen), moet een hefboom zijn tot meer kansen op dit vlak.

Werkwijze

De actie loop over 3 schooljaren: van 2010-2011 tot 2012-2013. De bedoeling is dat elk schooljaar rond tenminste 8 van de 10 actiepunten gewerkt wordt en er tastbare resultaten kunnen voorgelegd worden.

Het schoolteam is vrij om te bepalen welke initiatieven, welke modellen of suggesties van ieder actiepunt men wenst te realiseren en wanneer. SVS en Bloso adviseren om ieder actiepunt zo ruim mogelijk uit te werken en er tevens voor te zorgen dat de uitgewerkte initiatieven ook de volgende schooljaren aan bod komen.
De school houdt zijn realisaties/vorderingen per actiepunt digitaal bij aan de hand van de aangereikte evaluatiefiches. Deze zijn resultaatgericht of ‘meetbaar’ uitgewerkt. Een papieren dossier is dus niet nodig.
Ieder jaar wordt één ‘Cluster’ in de kijker geplaatst. De cluster wordt uitgediept aan de hand van:

Aan elke cluster wordt tevens symbolisch een sportactiviteit gekoppeld.

Schema

Schooljaar Cluster Thema Sportactiviteit
2010-2011 Samen Sport voor allen Lopen
2011-2012 Gezond Olympische spelen Jeugdolympiade
2012-2013 Sporten Sporttak in de kijker Badminton

Evaluatie

Om laureaat te worden dient een school ieder schooljaar minstens 8 actiepunten te realiseren. Elk jaar worden een aantal kandidaat laureaten aangeduid om hun resultaten te staven op de juryzitting.
In deze gevallen dient er aanvullend bewijsmateriaal toegevoegd te worden.

De evaluatie is uitgesplitst in 3 niveaus: brons, zilver en goud.

Voor het basisonderwijs:

Brons: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 1 SVS interscolaire activiteit (bewegingslandschap of woensdagnamiddagactiviteit, d.i. actiepunt 7 of 10);

Zilver: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 5 SVS interscolaire activiteiten waarvan minimum 3 op woensdagnamiddag (d.i. actiepunt 10);

Goud: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 10 SVS interscolaire activiteiten waarvan minimum 6 op woensdagnamiddag (d.i. actiepunt 10).

Voor het secundair onderwijs:

Brons: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 1 SVS interscolaire activiteit (d.i. actiepunt 7 of 10);

Zilver: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 4 SVS interscolaire activiteiten op woensdagnamiddag in minstens 2 verschillende sporttakken (d.i. actiepunt 10);

Goud: 8 actiepunten, waaronder deelname aan 8 SVS interscolaire activiteiten op woensdagnamiddag in minstens 4 verschillende sporttakken (d.i. actiepunt 10).

Voor het buitengewoon onderwijs:

Het buitengewoon onderwijs volgt dezelfde indeling maar alle interscolaire SVS-activiteiten zowel op woensdagnamiddag als tijdens de lesuren komen in aanmerking.

Waardering

Elk schooljaar ontvangt de school en het schoolsportteam/de schoolsportgangmaker een waardevolle prijs naargelang het behaalde niveau én een laureaatplaat.

a) voor de school

een school die per schooljaar 8 actiepunten heeft gerealiseerd, ontvangt op basis van een (tussentijdse) jaarlijkse evaluatie een laureaatplaat en een mooie prijs.

b) Voor de schoolsportgangmaker/het schoolsportteam:

door deel te nemen aan interscolaire SVS activiteiten ontvangt het schoolteam/de schoolsportgangmaker jaarlijks een extra prijs (enkel voor goud en zilver).


Inschrijven

Elke school kan zich inschrijven voor deze actie vanaf 17 juni 2010 op de website ‘www.10voorschoolsport.be’. De inschrijving is automatisch voor de drie schooljaren en hoeft dus niet per schooljaar herhaald te worden.
Scholen die inschrijven voor ’10 voor schoolsport’ vóór de startvergadering 2010 van SVS, ontvangen een clipboard.

Meer info